Juli

Abrikoos

Abrikozen kunnen zowel met als zonder vel gegeten worden. Je kan ze verwerken in frisse fruit-of andere slaatjes, voor de bereiding van confituur, gebak of gebruiken voor vlees- of gevogeltegerechten.

Andijvie

Andijvie kan zowel gekookt als rauw worden gegeten. Deze bladgroente kan op dezelfde wijze bereid worden als diverse koolsoorten. Andijvie bevat vezels, mineralen, vitamine A en C. Vooral het buitenste blad van de groente bevat vitamines.

Artisjok

Het is eetlustopwekkend en stimuleert lever en gal. Je eet artisjokken warm met een sausje naar keus of koud met vinaigrette. Ze zijn erg voedzaam en kunnen in combinatie met bijvoorbeeld een gebonden uiensoep en een feestelijk ijstoetje, een complete maaltijd vormen.

Aubergine

De aubergine wordt hoofdzakelijk warm toebereid. Men kan ze stoven, bakken, frituren en gratineren. Aubergines zijn caloriearm en bevatten veel vitamine C, B, caroteen en ijzer.

Bleekselder

Bleekselderij, ook wel witte selder genoemd, is minder sterk dan de groene snijselder. Toch kan de bleekselderij perfect gebruikt worden om een bouillon of een soep te kruiden. Het bevat vitamine B, C, ijzer en mineralen en heeft een vochtafdrijvende werking.

Broccoli

Bloemkool kan warm of koud gegeten worden. Broccoli is enkel lekker in een warme schotel. Het bevat heel wat vezels en stoffen die preventief werken tegen kanker.

Chinese kool

U kan de Chinese kool zowel rauw als gekookt of gestoofd eten. Deze groente leent zich bovendien uitstekend voor roerbak- en wokgerechten. Chinese kool is licht verteerbaar, arm aan calorieën en bevat veel vitamine C en calcium.

Courgette

Een courgette kent heel wat bereidingswijzen: samen met tomaten en aubergines in een zuiderse ratatouille, gevuld met gehakt als gegratineerde ovenschotel, geeft een eenvoudig ovengerecht. U kan ook lekkere soepen bereiden met courgettes.

Doperwt

Erwtjes kan men blancheren (in kokend water dompelen, zodat ze halfgaar of gaar worden), stomen of gewoon koken. Erwten hebben een zoetere smaak en ze bevatten vitamine C en BI, koolhydraten en ijzer.

Framboos

Na voorzichtig spoelen kunnen ze rauw verbruikt worden. Ze smaken ook heerlijk in de vorm van moes, saus of coulis bij ijs, pannenkoeken of hartige bereidingen. Frambozen zijn vezelrijk, bevatten veel vitamine C en zijn caloriearm.

Groene Selder

Het is een pittige groente die gebruikt wordt voor het kruiden van gerechten. De blaadjes bovenaan kan u net zoals de stengels verwerken in soepen of andere gerechten. Groene selder bevat vitamine C, calcium en ijzer.

Kersen

Kersen worden veelal rauw uit het vuistje gegeten. Men kan er echter ook sap of jam van maken. Kersen bevatten veel koolhydraten, calcium en vitamine C.

Komkommer

Komkommer eet men meestal rauw en is onmisbaar in een verfrissende salade. Toch kan de komkommer ook warm toebereid worden. Door de grote hoeveelheid water en het lage caloriegehalte is het een echte slankmaker.

Koolrabi

Rauw en geschild te versnijden in schijfjes of blokjes. Gekookt te bereiden zoals bloemkool. In stukken gaar te stoven maar vooral niet te lang zodat de smaak veel fijner blijft.

Linzen

Linzen zijn lekker in slaatjes, bij warme gerechten en in soep. Ze worden veel gebruikt in de Oosterse keuken. Ze zijn rijk aan vitaminen en mineralen en zijn een goede eiwitten- en koolhydratenbron.

Maïs

Hele gekookte maïskolven worden alleen met wat gesmolten boter en wat zout geserveerd. Gekookte maïskorrels kan je als groente eten of in een gemengde salade opdienen. Ze bevatten vitamine B en magnesium. Bovendien zijn ze rijk aan belangrijke vezels.

Perzik

Perziken hebben een zoete smaak. Je kan ze eten met of zonder schil. Perziken smaken lekker fris in salades en bij desserts.

Peultjes

Deze kunnen vergeleken worden met de doperwt, maar ze zijn niet helemaal hetzelfde. Peulen ontwikkelen namelijk vrijwel of helemaal geen vlies en kunnen daarom in jonge toestand al helemaal gegeten worden.

Prinsessenboon

Kook of stoom de bonen eerst vooraleer ze verder te gebruiken. Je kan ze nadien nog even fruiten met wat ui. Boontjes zijn rijk aan vezels en vitamine C.

Rode Biet

Van het verse loof kan je soep maken. Daarvoor moetje de stengel en het blad goed wassen en fijnsnijden. Rasp enkele bieten fijn en kook ze samen met het loof gaar. Zout, azijn of citroen toevoegen. Serveren met room.

Snijboon

Kook of stoom de bonen eerst vooraleer ze verder te gebruiken. Men kan ze nadien nog even fruiten met wat ui. Bonen zijn rijk aan vezels en bevatten ijzer en vitamine C.

Tuinboon

Je kan er vleesvervangende gerechten mee bereiden door de gekookte bonen samen met gekookte aardappelen fijn te maken, deze pasta te binden met melk en room, er plakjes van te maken en die te bakken. Ze zijn rijk aan vitamine Ben C.

Venkel

Venkel kan zowel rauw als warm gegeten worden. Rauw is de smaak het sterkst. Verder kan men de venkel koken, stomen, stoven, pureren of in soepen verwerken. Telkens kunnen de bladstelen gebruikt worden als garnering of smaakversterker.

Waterkers

Waterkers is uiterst geschikt ter garnering van gerechten. De donkergroene, eivormige bladeren kunnen echter ook verwerkt worden in salades. In Frankrijk wordt de 'cresson' vaak in sauzen en soepen verwerkt.